De express private trust

4250
Artikelnummer 9789058508591
Uitgever Wolf Legal Publishers
Druk 1
Jaar 2012
Omschrijving
De fiscale kwalificatie en gevolgen van het ontstaan en bestaan van de Anglo-Amerikaanse trust vormen reeds decennia-lang een punt van discussie in de fiscale wetenschap en praktijk. Dit boek beoogt niet alleen een bijdrage aan deze discussie te leveren, maar ook een spoedige wijziging te bevorderen van de per 1 januari 2010 tot stand gekomen wettelijke regeling betreffende het afgezonderd particulier vermogen (apv), waartoe ook discretionary express private trusts behoren. De als anti-misbruikwetgeving bedoelde wettelijke regelingen betreffende het apv zijn namelijk op onderdelen onaanvaardbaar onevenwichtig vanwege een onjuiste afweging van het rechtszekerheidsbeginsel enerzijds en het rechtvaardigheidsbeginsel en het doel van het recht anderzijds. Voorts geven de wettelijke bepalingen niet de reeds jaren zo gewenste duidelijkheid omtrent de fiscale kwalificatie van de fixed express private trust.Teneinde de fiscale problematiek van het verschijnsel express private trust goed te kunnen begrijpen, is een meer dan vluchtige kennis van de ontstaansgeschiedenis van de trust; de trust naar Engels recht en de Engelse belastingheffing van de trust van wezenlijk belang.Vandaar dat daaraan in dit boek allereerst ruim aandacht wordt besteed.Omdat begrippen die aan het civiele recht worden ontleend in beginsel ook fiscaalrechtelijk hun civielrechtelijke betekenis behouden, tenzij enige factor van rechtsvinding een afwijkende betekenis vereist (leer der rechtseenheid), wordt tevens onderzocht hoe de trust privaatrechtelijk kan worden gekwalificeerd. Het Haags trustverdrag vormt daarbij het uitgangspunt.In het onderzoek naar de fiscale kwalificatie wordt een onderscheid gemaakt tussen de discretionary en de fixed trust. Daarbij gelden als onderzoekshypothesen dat de discretionary trust wél een fiscale entiteit vormt doch de fixed trust niet. Voorts wordt onderzocht wat de fiscale gevolgen van de kwalificatie voor de heffing van de schenk-, erf-, inkomsten- en vennootschapsbelasting zijn.Ten slotte wordt wenselijk fiscaal recht beschreven, waarbij tevens aandacht wordt besteed aan regelingen betreffende de trust in een aantal landen die deze lastig te kwalificeren rechtsfiguur wél resp. niet kennen. Gerard (D.L.M.) Gilissen werd geboren op 7 juni 1948 te Tilburg. Gedurende de periode 1960-1966 volgde hij middelbaar onderwijs aan hetVan der Puttlyceum te Eindhoven. Aansluitend studeerde hij fiscaal recht aan de R.U. Leiden. In 1972 studeerde hij af en trad vervolgens in dienst bij de Rijksbelastindienst.Vanaf 1972 liep hij gedurende drie jaar stage in de Directie Limburg. In 1975 werd hij benoemd tot inspecteur van 's Rijksbelastingen te Eindhoven (inspectie der vennootschapsbelasting).In 1981 trad hij in dienst bij de maatschap van Dien+co/Kammer Luhrman+co.In 1983 werd hij lid van de maatschap.In 2003 werd het partnership met Pricewaterhouse- Coopers (PwC) op zijn verzoek beëindigd. Sindsdien hield hij zich deels bezig met een promotieonderzoek.Hij is sinds 1970 getrouwd, heeft twee kinderen en twee kleinzonen.
 
Aantal